Informatie over de Zuid-Afrikaanse  BOERBOEL.

 

 

Startpagina

Over ons

Ras-info

Onze honden

Foto-album  

Actueel

Pups

Hondenvoeding

Links

Herplaatsers

Gastenboek

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Naar boven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Naar boven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Naar boven

 

 

 

Korte geschiedenis

Het ras Boerboel wordt al eeuwenlang op de grote Zuid-Afrikaanse farms gefokt en hoogstwaarschijnlijk komen de verre voorouders zelfs nog uit Nederland: Jan van Riebeeck nam in 1652 een Bullenbijter mee naar Zuid Afrika ter bescherming. Ook andere emigranten namen vanuit Nederland dieren mee die erg op deze Bullenbijter leken. Deze groep meegebrachte honden vormden destijds de basis van de Boerboel zoals wij die nu kennen.
Omdat er niet veel andere rassen honden in de buurt waren ten tijde van de groei en ontwikkeling van de Boerboel bleven de eigenschappen die men graag zag in het ras prima in stand. De Boerboel was een kerngezonde en sterke hond die een natuurlijke drang tot bescherming had en dat nog steeds heeft.

Sinds november 1994 treffen we de Boerboel ook in Nederland aan.

Registratie

Hoewel alle honden geregistreerd worden bij de 3 stamboeken in Zuid Afrika is er geen FCI-erkenning voor de boerboel. Dit houdt in dat het nog steeds een redelijk onbekend ras is.

Het SABT is het eerste stamboek en heeft het grootste aantal geregistreerde honden. Voorafgaan aan registratie worden boerboels getoetst aan de rasstandaard. Om gekeurd te kunnen worden moet de hond een geboorteregistratie hebben. Dit betekent dat ze uit geregistreerde ouders komen. De hond wordt aangekeurd door erkende (meestal afrikaanse) keurmeesters op een officiële keuring. De hond moet hiervoor minimaal 12 maanden oud zijn. De toetsing aan de rasstandaard wordt uitgedrukt in een percentage, en om aan de registratie-eis te voldoen moet de boerboel minimaal 75% scoren.

Karakter          

Vroeger omschreef (in het Zuid-Afrikaans) men het karakter van de Boerboel als volgt:

"Bedags moet die hond met die kinders te veld gaan om die vee op te pas.
Daar moet hy vir hulle 'n haas kan vang om op 'n veldvuurtje te braai vir etc.
Verder moet hy hulle kan beskerm teen alle ongediertes en gevaartes wat hulle in die veld mag teekom.
Vanaand moet hy tuis langs sy familie by die vuurherd le en hulle oppas teen enige bedreiging wat uit die donker komt."


De Boerboel heeft een stabiel en rustig karakter gecombineerd met een sterk waakinstinct. Hij is een toegewijde en aanhankelijke metgezel die een sterke band ontwikkelt met zijn baasjes en hun kinderen zonder te zeer afhankelijk van hen te worden.

Zijn territoriaal instinct, afstandelijkheid en wantrouwen naar vreemden gecombineerd met een zeer goede reukzin en gehoor maken hem een uitstekende waakhond die bereid is zijn familie en huis desnoods met zijn leven te beschermen. Ditzelfde zal echter ook soms voor problemen zorgen, zeker in onze "rijtjeshuis-maatschappij" waar deze uitstekende waakeigenschappen vaak niet nodig en soms zelfs ongewenst zijn. Hij heeft behoefte aan een eigen territorium, een ruimte die hij ook daadwerkelijk kan en mág bewaken. De boerboel is geen terrasjes- en winkelwandelstraten hond, hoewel u hem vanaf jonge leeftijd aan deze situaties makkelijk kan gewennen. Maar het zal toch nooit zijn favoriete tijdverdrijf worden en op lange termijn is het misschien toch wel vragen om problemen.

De Boerboel is intelligent en leert makkelijk, maar heeft de behoefte aan afwisseling en nieuwe uitdagingen in de opvoeding. Door zijn zelfredzaamheid en aanpassingsvermogen heeft deze hond de harde omstandigheden van weleer overleefd.

Dit maakt misschien dat de Boerboel niet een hond voor iedereen is. Door zijn onafhankelijkheid en zelfstandig denken is het onontbeerlijk dat de eigenaar liefdevol, maar zeer consequent de baas is over de hond. De relatie tussen baas en Boerboel moet er een zijn van wederzijds respect en vertrouwen. Een hond die zijn eigenaar niet respecteert als zijn meerdere of hem niet vertrouwt zal zelf proberen de leiding in handen te nemen en zijn eigen weg gaan.
Nu moet men niet denken dat de Boerboel een moeilijke hond is om op te voeden of mee om te gaan, juist integendeel. Hij is intelligent en zoekt nooit een conflict met zijn baasjes. Om een sterke band te smeden met de Boerboel volstaat het rechtvaardig met hem om te gaan en veel beloning en weinig straf te geven. Het enige dat men nodig heeft om een Boerboel op te voeden: veel liefde, oprechtheid en inzicht in de denkwereld van honden.
Als pup is hij heel gemakkelijk en meegaand, waardoor hij reeds menig eigenaar misleid heeft door de indruk te geven van een goed gemanierde en welopgevoede hond te zijn, als plots de problemen beginnen op een vrij onverwachte leeftijd. De hond vertoont eigenzinnig gedrag, wordt dominant naar zijn familie toe en gaat plots door een fase van onzekerheid tot zelfs angstig gedrag. Dit is zeker geen reden tot paniek: geef uw hond de tijd volwassen te worden en mits de juiste aanpak gaat dit vanzelf voorbij!
Als de gezinsleden een hechte band hebben gesmeed met hun Boerboel zullen zij altijd op hem kunnen rekenen. Hij zal hun beste vriend zijn. Hij zal aanvoelen wie een gast is en wie een indringer. Hij zal weten wanneer zij bang zijn of zich bedreigd voelen en hij zal duidelijk maken dat hij er is om hen te beschermen, altijd.

De Boerboel heeft zeer veel beweging en ruimte nodig in de vrije natuur.

Op zoek naar een boerboel 

Als u overweegt een boerboel te kopen, zorg dan dat u goed voorbereid bent. Praat met zoveel mogelijk “boerboelmensen” en ga op bezoek bij volwassen boerboels. Onthoud dat een boerboel volwassen is op een leeftijd van 2 jaar en pas dan kunt u het echte karakter beoordelen. De boerboel is een relatief jong ras buiten de grenzen van Zuid-Afrika. Zorg dat u de mooie, romantische verhalen van de feiten kunt onderscheiden en het allerbelangrijkste criterium op uw verlanglijstje moet het karakter zijn.

Samenvatting rasstandaard

Algemeen: De Boerboel is een forse Mastiff-achtige verschijning. Hij behoort sterk, stevig en uitgebalanceerd op vier benen te staan. Het is een indrukwekkend en ontzagwekkend toonbeeld van kracht. Fors gebouwd met een sterke botstructuur. Een rechte rug. De voorborst is sterk, breed en diep. De sterke borstkas heeft goed aangehechte en geronde ribben. De hals is krachtig en gespierd met een stevige aanhechting bij de kop met een zichtbare spierboog die geleidelijk breder wordt naar de aansluiting bij de schouders. De voorbenen zijn ver uit elkaar geplaatst zodat zich een sterke borstkas kan ontwikkelen. Kaarsrecht en goed onder het lichaam geplaatst, dik en gespierd. De achterbenen zijn sterk, stevig en gespierd met grote, goed gevormde voeten. De tenen niet te wijd en mooi gesloten, de voeten mogen niet plat zijn en moeten stevige voetkussens hebben.

Hoofd en schedel
:
Als men de Boerboel voor de eerste keer ziet dan komt hij niet 'vreemd' over. Toch is met name zijn hoofd zeer raseigen: wanneer hij je attent aankijkt dan verschijnen er tussen de hoogaangezette v-vormige oren duidelijke rimpels. Het hoofd is kort en breed, tussen de oren recht, gespierd, diep en breed. Hoofd, neus en bek zijn mooi in verhouding. Het neusbeen behoort een lengte van ca. 10 cm te hebben, kaarsrecht en niet opwaarts of neerwaarts buigend. De neusspiegel is zwart, de neusvleugels wijd opengesperd en groot. Hij heeft een mooi gesloten oog, lichtbruin, geelbruin of donkerbruin al naar gelang de vachtkleur. Een niet al te sterk overhangende lippenpartij en een krachtig scharend gebit. De oren zijn V-vormig, middelgroot, wijd en tamelijk hoog aangezet, zodat de bovenkant van de oren een rechte lijn vormt met het hoofdbeen.

Kleur en beharing: Een korte, gladde vacht in geel, vaal, roodbruin, bruin, grijs, gestroomd of bont. Elke kleurcombinatie met leverkleur aan bek en poten is ongewenst, evenals driekleur.

Staart: Kort of lang, waarbij de voorkeur in Zuid Afrika nog uitgaat naar een gecoupeerde staart. In Europa is het couperen echter niet meer toegestaan en zijn wij gewend geraakt aan boerboelen met een lange staart.Ondertussen mag ook ZA niet meer gecoupeerd worden.

Minimale schofthoogte
: Reu 66 cm en teef 61 cm. 
Een volwassen reu zal tussen de 65 en 75 kilo wegen en een teefje tussen de 45 en 60 kilo.